Geschiedenis van de orthodontie

Sint 2020Sint 2020

Orthodontie vroeger en nu: hoe is de beugel ontstaan en wie was de grondlegger van de huidige orthodontie? Ontdek de geschiedenis van de orthodontie, want die gaat verder terug dan je denkt. Nog voor onze jaartelling werd er namelijk al bekeken hoe men tanden of kiezen kon verschuiven.

Orthodontie en orthodontist

Er is een duidelijk verschil tussen orthodontie en een orthodontist. Een orthodontist is iemand die zich gespecialiseerd heeft in de bouw en groei van tanden en kiezen. Hiervoor is een studie vereist. Eerst vijf jaar aan de universiteit om tandarts te worden, hierna nog vier jaar studie om orthodontist te worden. Er zijn dus minstens negen jaar studie aan de universiteit nodig om orthodontist te zijn.

Orthodontie is het specialisme binnen de tandheelkunde. Middels een beugel wordt de stand van tanden en kiezen geoptimaliseerd. Tegenwoordig dragen niet alleen kinderen maar ook volwassenen een beugel. Hierbij zijn er verschillende soorten beugels mogelijk.

In dit artikel meer informatie over de geschiedenis van de orthodontie. Vanaf wanneer is de mens zich bezig gaan houden met het rechtzetten van tanden en kiezen?

Bekijk alles omtrent beugelverzorging

De eerste orthodontist in de geschiedenis

De geschiedenis van de orthodontie gaat heel ver terug. Waarschijnlijk was Celsus de eerste orthodontist in de geschiedenis. Hij was een Romeinse schrijver en leefde circa 25 v christus. Celsus ontdekte hoe men met één vingerdruk op een element van het gebit, de betreffende tand of kies kon verschuiven.

Misschien wist je nog niet maar dit is dezelfde hoeveelheid druk die je nodig hebt om een velletje papier te verschuiven. Wanneer je deze druk constant toepast op een tand of kies dan verschuiven deze richting de druk. In zijn boek De re Medicina beschrijft Celsus zijn bevindingen hierover.

De allereerste beugels: Etrusken

Ondanks dat Celsus als de eerste orthodontist wordt beschouwd, is er het vermoeden dat er al sinds 400 v christus beugels waren. Van de achtste tot de vierde eeuw voor christus leefden er een volk in midden-Italië, de Etrusken genaamd.

Uit onderzoek is gebleken dat dit volk beugels gebruiker om de ruimte na het verlies van een tand of kies te sluiten. Deze allereerste beugels bestonden uit een gouden strip.

Er zouden vier van dit soort beugels zijn opgegraven uit Etruskische graftombes. Het is eigenlijk onduidelijk hoe de Etrusken hun beugel aan konden draaien. Er zaten gouden of zilveren ringetjes om de tanden of kiezen. Men vermoedt dat er dunne draden of stukjes darm van een dier werden gebruikt om zo de ringen met elkaar te verbinden. Op die manier ontstaat er druk op beiden tanden en zou men de tanden zo langzaam naar elkaar toe kunnen trekken.

Beugel als versiering

Waren die allereerste beugels wel bedoeld om tanden en kiezen naar elkaar toe te trekken? Wanneer je dit doet ontstaat er namelijk een zeer grote spleet tussen de afzonderlijke tanden.

Volgens de Amerikaan Marshall Becker waren de beugels juist als versiering bedoeld, en dateert de eerste beugel al uit de zevende eeuw voor Christus. Becker is van mening dat er een beugel werd geplaatst nadat er via een rituele handeling een tand was getrokken door een tandarts. Het gat dat ontstaan was door de ontbrekende tand werd opgevuld. Dit gebeurde met verschillende materialen zoals hout, ivoor of bot. Maar ook de getrokken tand zelf kon gebruikt worden. Dit vulmateriaal werd dan aan de beugel vastgemaakt.

Geschiedenis orthodontie: gevonden beugels

Het is moeilijk om te ontdekken waar de beugel precies voor gebruikt werd, omdat het ook onduidelijk is of de gevonden beugels wel bij het skelet behoorden. Er zaten namelijk meerdere skeletten in één graftombe, en de beugels van toen zijn niet te vergelijken met de moderne aangepaste en passende beugels van nu.

Een ringetje om de tand of kies

De Etrusken plaatsten een ringetje om de tand of kies, maar hoe deden ze dat eigenlijk? Bij een normaal gebit zitten de tanden en kiezen dicht tegen elkaar aan. Hierdoor krijg je er geen ringetje omheen.

Tegenwoordig wordt dit opgelost door tijdelijk een dun elastiekje of veertje tussen twee tanden of kiezen te plaatsen, waardoor de opening groter wordt. In de tijd van de Etrusken bestond deze mogelijkheid nog niet. Wellicht vijlden ze een stukje van de tanden af om de opening groter te maken, of gebruikten ze toch elastiekjes in de vorm van stukjes kattendarm. Ook is het mogelijk dat er een tand of kies getrokken werd om zo ruimte voor de beugel te maken.

Parijse tandarts – 1728

We maken binnen de geschiedenis van de orthodontie een grote sprong voorwaarts. Het jaar 1728, waarbij de Parijse tandarts Pierre Fauchard de beugel in zijn boek Le Chirurgien Dentiste besprak. In dit boek beschrijft Fauchard de beugel, bestaande uit een strip van goud of zilver die in de vorm van de tandboog gevouwen werd en met draden aan de kiezen vastgemaakt kon worden.

Hij noemde de beugel een bandalette, en hiermee konden tandartsen het gebit aan de voorzijde breder maken. Op deze manier was het ook mogelijk om de tanden rechter te zetten. De bandalette is de voorloper van wat we nu kennen aan vaste beugels.

De 19e eeuw

In 1844 werd het cement uitgevonden en dit werd gebruikt binnen de orthodontie. Vanaf toen was het mogelijk om met cement de orthodontistringetjes om de tanden of kiezen vast te plakken.

In diezelfde periode specialiseerden een groep tandartsen zich in beugels. Hierdoor kreeg het beroep orthodontist een officieel bestaan.

De komst van de buitenboordbeugel

Norman Kingsley vond in 1866 de buitenboordbeugel uit, die hij header noemde. Daarna vond hij nog de blokbeugel uit, beter bekend als plaatjesbeugel. Edward H. Engel schreef een boek over orthodontie en deed vele nieuwe ontdekkingen. Ook ontwierp hij een aantal nieuwe beugels. In het jaar 1900 startte hij de eerste opleiding orthodontie.

Eerste Nederlandse Orthodontist

In 1953 was de eerste Nederlandse orthodontist een feit: professor Bijlstra. JAW van Loon, die aan het tandheelkundig Instituut in Utrecht verbonden was, beschreef in 1914 een methode om de stand van het gebit driedimensionaal vast te leggen. Zijn methode werd later gebruikt door andere orthodontisten, om de positie van het gebit te kunnen bepalen.

Tegenwoordig gebruiken de orthodontisten een apparaat om het hoofd van de patiënt in een bepaalde positie te fixeren, een methode die is afgeleid van de uitvinding van JAW van Loon.

Deze artikelen zijn met veel liefde en zorg door Dominique geschreven